Vlotten

Uit wiki

Ga naar: navigatie, zoeken

Aan de boezemzijde van het gemaal dreven oorspronkelijk acht vlotten op het water tussen de penanten boven de ingangen van de aanzuigkanalen. Het door Jaffa gemaakte gedenkboek schrijft er het volgende over: "Ook drijven er nog tusschen deze penanten houten vlotten, welke het vormen van luchtkolken tegengaan, daar het binnentreden van lucht in de zuigleiding het rendement zeer zou verminderen." [1.]

Door de sterke de stroming bij het malen ontstaan er wervels op het oppervlak van het water. Deze wervels aan het wateroppervlak kunnen een draaikolk veroorzaken. Als deze draaikolk zich verder kan ontwikkelen en krachtiger kan worden kan er lucht in de aanzuigleiding gezogen worden. Om dit te voorkomen zijn er drijvende vlotten aangebracht. De vlotten remmen de stromingen aan het wateroppervlak sterk af en daardoor wordt voorkomen dat er een draaikolk ontstaat. Op deze manier wordt ook voorkomen dat er door een draaikolk lucht in de pompen gezogen kan worden (wat zeer nadelig is voor de goede werking hiervan).

Bouwkundige tekening van de vlotten, tonend een bovenaanzicht van en een doorsnede door een vlot. Dit is een uitsnede van een grotere tekening, de volledige tekening is in de bronvermelding te vinden. [2.5.]
781-68 Vlotten.png


Constructie van de vlotten

Zijaanzicht van de eikenhouten geleidingsribben. [2.5]
781-68 Vlotten, zijaanzicht geleidingsribben.png

De vlotten waren gemaakt van gecreosoteerd vuren hout ofwel vuren hout geïmpregneerd met creosoot olie. Deze behandeling werd gedaan om het hout te verduurzamen. Zonder de behandeling met creosoot (een product dat erg lijkt op carbolineum) zouden de vlotten snel verrotten.

De kant- en eindribben van de vlotten waren gemaakt van stevige houten balken van 15 bij 12 centimeter. De tussenribben hadden iets kleinere afmetingen. Bovenop deze ribben zaten de stevige dekplanken van 20 centimeter breed en 4 centimeter dik. Het geheel werd nog eens extra versterkt met stalen beugels op de hoekpunten en een aantal stalen trekstangen.

De vlotten werden op hun plek gehouden door stevige eikenhouten balken van 20 bij 20 centimeter die geplaatst werden in een hiervoor bedoelde sponning in het metselwerk van de penanten. Deze sponning is aan de boven en onderkant afgewerkt met op maat gemaakte granieten blokken. Op de tekeningen zijn deze granieten blokken gemerkt met X en XI. [2.1.], [2.4.] De onderblokken hebben uitsparingen waarin de aangepunte eikenhouten balken vielen, hierdoor werden ze aan de onderzijde op hun plaats gehouden. De boven blokken hadden behalve de sponning ook twee gaten voor dookbouten. Deze dookbouten dienden ervoor om een stalen beugel over de eikenhouten balk te plaatsen om zo ook de bovenkant van de eikenhouten balken op hun plek te houden.

Doorsnede die laat zien hoe de eikenhouten geleidingsbalk in de sponning op zijn plek gehouden wordt met een stalen beugen en dookbouten. [2.5.]
781-68 Vlotten, bevestiging balk.png


Ter hoogte van de onderblokken zijn in het metselwerk richels aangebracht, zodat de vlotten ook aan de onderzijde opgesloten zijn. [2.2.], [2.3.] Deze richels steken 9 centimeter uit. De bovenkant van deze richels bevindt zich op 126 cm onder NAP, of wel 40 centimeter boven de bovenkant van de aanzuigbuizen (die op 166cm -NAP liggen) en 60 centimeter onder het Fries Zomer Peil.

Huidige situatie

Foto van de huidige situatie, slechts de sponning en de dookbouten zijn nog zichtbaar. In tegenstelling tot de schotbalksponningen lopen deze sponningen niet door tot op de vloer van de waterinlaat.
Sponning voor geleidebalk vlotten.jpg

Tegenwoordig drijven er geen vlotten meer en wordt er ook geen lucht aangezogen door de pompen. Blijkbaar was de kans op lucht aanzuiging door vorming van draaikolken maar zeer klein. De vlotten zijn overbodig gebleken. Nu zijn nog slechts de uitsparing in de kademuren te zien en de dookbouten waar de eikenhouten balken mee bevestigd zaten. De richel in het metselwerk zit te diep onder water om te kunnen zien.

Bronnen

  1. Machinefabriek “Jaffa” (1920) Bemaling Friesland’s boezem.
    Geraadpleegd op 07-09-2021, van http://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMKB21:046637000
  2. Tresoar, Tekeningen- en kaartenarchief Provinciale Waterstaatsdienst van Friesland 1876-1986 (archief nr. 9-05) Inv. nr. 781: Bouwkundige tekeningen betreffende de bouw van het stoomgemaal bij Lemmer inzake de bemalings van Frieslands boezem
    2.1. Bestek 6, blad 6: Graniet boezemzijde overzichtsteekening [Link naar tekening]
    2.2. Bestek 6, blad 6a: Metselwerk boezemzijde [Link naar tekening]
    2.3. Bestek 6, blad 7a: Metselwerk boezemzijde [Link naar tekening]
    2.4. Bestek 6, blad 8: Details graniet boezemzijde [Link naar linker helft tekening], [Link naar rechter helft tekening]
    2.5. Bestek 6, blad 68: Detail voor acht vlotten [Link naar tekening]