Harlingen

Uit wiki

Ga naar: navigatie, zoeken

Harlingen

Harlingen is één van de Friese elf steden en heeft een zeehaven. Harlingen als plaatsnaam wordt voor het eerst in 1228 genoemd en in 1317 is het een stad. Omdat de stad van groot belang was voor de bereikbaarheid van Friesland en Groningen bouwden de Groningers aan de westzijde van de stad een kasteel ter verdediging van de stad en daarmee van de toegang naar het achterland.

In de 17e eeuw nam de positie van Harlingen langzaam maar zeker af, deze sluimerende positie zou tot aan het begin van de 20e eeuw duren. Door een gemeentelijke herindeling werd het mogelijk om belangrijke uitbreidingen te realiseren. Het gaat om de aanleg van bedrijventerreinen en woonwijken alsmede om het uitbreiden van de havens.

De vaarverbinding met Leeuwarden gaat via het Van Harinxmakanaal via Franeker en Dronrijp, het kanaal werd in 1951 in gebruik genomen. Het van Harinxmakanaal behoort tot één van de grotere boezemwateren van het Wetterskip Fryslân. Aan het begin/ einde van het Van Harinxmakanaal is het sluizencomplex (Tjerk Hiddessluis) aangelegd om vanuit het kanaal en de boezem op de Waddenzee te komen. Er is geen rechtstreekse verbinding met de grote meren van Friesland.

Vanouds lopen er verschillende dwarsverbindingen door middel van vaarten het achterland in: de Achlumervaart, de Harlinger vaart en de Sexbierumervaart. Door middel van dit fijn vertakte stelsel van vaarten met daarachter weer de poldersloten heeft het Van Harinxmaknaal een belangrijke functie om een belangrijk deel van de provincie droog te houden door water naar de sluizen van Harlingen af te voeren of bij droogte van voldoende water te kunnen voorzien.

Niet alleen voor de waterhuishouding is dit stelsel van groot belang het is tevens de reden waarom de Groningers al in de 15e eeuw het kasteel hebben gebouwd. Harlingen moest gevrijwaard blijven van vijandelijke invallen om handel te kunnen blijven drijven op de omringende landen.

Omdat er bij Harlingen alleen sluizen zijn kan er gespuid worden als het eb is en het water op de Waddenzee lager staat dan in de boezem en het Van Harinxmaknaal. De sluizen bij Harlingen zijn samen met de sluizen van Dokkumer Nieuwe zijlen belangrijke uitlaatpunten voor overtollig water uit de boezem. Eind december 2011 en begin januari 2012 kon er niet gespuid worden bij Harlingen vanwege een aanhoudende noordwesten wind. Omdat er ook veel neerslag viel werd besloten om het water via het Hooglandgemaal bij Stavoren af te voeren naar het IJsselmeer. Op 6 januari 2012 werd ook het ir. D.F. Woudagemaal opgestart om bij te springen in het prodcutieproces en het afvoeren van het overtollige water te bespoedigen. Het Woudagemaal heeft toen ruim een week vol continue gedraaid. Het grootste probleem was voorbij op het moment dat er bij de sluis van Lauwersoog weer, zij het in het begin spaarzaam, gespuid kon worden. Pas toen de noordwesten wind gedraaid was en ook de sluis bij Harlingen weer geopend kon worden kwam er een eind aan de overlast.

Bij Harlingen Haven begint ook de veerdienst met de Waddeneilanden Terschelling en Vlieland. Een keer per jaar wordt de traditionele sloepenrace gevaren tussen Harlingen Haven en Terschelling.

Door de aanwezigheid van de haven is Harlingen vooral een oude handelsstad. Na de aanleg van de spoorlijn Leeuwarden - Harlingen Haven werd de export van zuivelproducten en vee naar met name Engeland steeds belangrijker. De allure van een welvarende stad is nog terug te zien aan de bebouwing in de binnenstad langs de havens of aan de Voorstraat en de (gedempte) grachten. Verder waren er een aantal diensten in Harlingen gevestigd die passen bij de haven.

Bij de bouw van het ir. D.F. Woudagemaal noteert de opzichter in zijn dagboek met enige regelmaat dat er bouwmaterialen voor het gemaal zijn aangekomen in Harlingen.