Zoet water

Uit wiki

Ga naar: navigatie, zoeken

Zoet water is essentieel voor veel leven op aarde.

Alle mensen gebruiken zoet water om te drinken en er hun eten mee klaar te maken. Daarnaast zijn er allerlei andere toepassingen van zoet water in het dagelijks leven en het huishouden.

300×201px

Toch is maar een klein deel van al het water dat op aarde beschikbaar is, zoet water. Het merendeel is zout water.
De zeeën en de oceanen zijn de meest sprekende voorbeelden Het meest spreekt daarbij de Dode Zee in Israël tot de verbeelding. Op een diepte van 392 m - NAP is het water in deze zee zo zout dat je er moeiteloos op blijft drijven. Na een bad in de Dode Zee is het raadzaam de zoutaanslag met zoet water af te spoelen.

De laatste keer dat er in Nederland op grote schaal zout water in zoet water veranderde, was in 1932 bij de afsluiting van de Zuiderzee tot IJsselmeer. Het duurde nauwelijks drie jaar, dat er een zoetwatercultuur was ontstaan. Dat komt, omdat het nieuwe IJsselmeer alleen maar met zoet water wordt gevoed, door de grote rivieren en het hemelwater. In de winterperiode is het zoete water bevroren tot ijs in geval van een strenge winter

In Nederland en dan met name in de zomermaanden, als het erg droog is, is het een voortdurend terugkerend probleem om de ,,zoutwatertong", die op de Nieuwe Waterweg vanaf de Noordzee naar binnen drijft voldoende tegen te houden.
Die zoutwatertong schuift verder naar het oosten op als er niet voldoende aanbod van zoet water op de grote rivieren is. Vooral voor de land- en tuinbouw is dit in het gebied rond Rotterdam een groot probleem. Tuinders hebben om die reden vaak grote waterbassins bij de kassencomplexen aangelegd om al het hemelwater op te vangen.

400×274px

Zoet water is van groot belang in de agrarische sector: land- en tuinbouw. Veehouderijen zijn eveneens afhankelijk van voldoende zoet water.

Nederland verkeert in de gunstige omstandigheid dat er doorgaans voldoende zoet water voorhanden is: de aanvoer via Rijn, IJssel en Maas is vrij constant. Echter af en toe gaat het wel eens mis en dan is of dreigt er een tekort aan zoet water.

Voldoende neerslag in het voorjaar vanaf april tot medio juli is gewenst vanwege alle gewassen die op het land zijn ingezaaid.
Het vee gaat in deze periode weer de wei in, er moet voldoende gras op het land staan om van te grazen, maar ook om te kunnen hooien. De voorraad vers gras of kuil dient weer op peil te worden gebracht, na iedere zomer volgt er immers ook weer een najaar en een winterperiode.

Het ir. D.F. Woudagemaal slaat alleen water uit vanuit de Friese boezem naar het IJsselmeer.
In tijden van een tekort aan water wordt de inlaatsluis naast het Woudagemaal open gezet en stroomt het zoete water vanuit het IJsselmeer naar binnen de boezem in.

600×420px

In de zomer wordt dat op grote schaal gedaan, als er sprake is van een hoge verdampingsgraad.

Niet alleen de provincie Friesland heeft dan dringend behoefte aan voldoende water, ook de andere aan het IJsselmeer grenzende provincies doen een beroep op het IJsselmeer. Het gaat daarbij ook om Groningen, deze provincie heeft onvoldoende eigen zoet water om aan de behoefte te kunnen voldoen en heeft daarom ook water uit het IJsselmeer nodig. Dit zoete water wordt aangevoerd via Friesland (Prinses Margrietkanaal) en via Overijssel en Drenthe. De andere provincies, die water uit het IJsselmeer betrekken, zijn: Gelderland, Utrecht, Noord-Holland en in iets mindere mate, ook Zuid-Holland.

Omdat iedereen zoet water uit het IJsselmeer wil halen, zou dit tot gevolg kunnen hebben, dat de te verdelen hoeveelheid kleiner wordt als iedere provincie dat maar ongelimiteerd zou blijven doen.

Dat maakt het noodzakelijk om een waterplan voor het IJsselmeer op te stellen. Hierin wordt vastgelegd, wie wat krijgt en hoeveel. Dit Deltaplan moet medio 2015 gereed zijn.

De kern van het plan zal zijn, dat er vooral in de wintermaanden (oktober - april) als er veel neerslag valt meer water in het IJsselmeer blijft en dat niet al het water direct naar het buitenwater (Waddenzee of Noordzee) wordt gebracht.

500×375px

Het peil op het IJsselmeer zal in de winter hoger liggen dan het huidige winterpeil.
Hoeveel dat zal zijn, zal binnen het Deltaplan worden vastgelegd.
Een ander onderdeel van het plan is, dat binnen de provincies meer water wordt vastgehouden. Niet al het regenwater zal direct naar de boezem worden afgevoerd, zou dat wel gebeuren, dan is dat gebied het gebiedseigen water kwijt.
Door het vast te houden kan het in het voorjaar weer gebruikt worden, als er dringend behoefte aan voldoende sproeiwater voor land- en tuinbouw is.
Mocht er in het voorjaar voldoende hemelwater vallen en staat de boezem vol, dan kan er altijd nog worden besloten om water af te voeren.

Voor waterschappen wordt het een uitdaging om de waterbalans te vinden:
niet teveel water in de wintermaanden vasthouden, maar wel voldoende om in ieder geval in het voorjaar, het groeiseizoen aan een toenemende vraag te kunnen voldoen.

Water moet opgevangen worden zonder dat het overlast mag veroorzaken.

Zomer- en winterpeil op het IJsselmeer en in de boezemstelsels van de waterschappen kunnen in de nabije toekomst aan grotere schommelingen onderhevig zijn dan nu het geval is, al zal het eerder om decimeters gaan dan om een meter.

600×450px

In Nederland valt plm. 750 mm regen per jaar. Wat de laatste jaren zichtbaar wordt is, dat er met name in het verstedelijkt gebied (Randstad) meer zware clusterbuien in de nazomer vallen.
Ook recente voorbeelden van ondergelopen campings in de zomer halen meer dan eens het nieuws.

In een extreem droge zomer, als er sprake is van een watertekort, kan er sprake zijn van het uitdrogen van de grond. In 2003 haalde de weggeschoven veendijk bij Wilnis in de provincie Utrecht daarom het nieuws.
Waterschappen zijn alert als het langere tijd droog is, niet alleen vanwege mogelijke scheuren in de grond, maar ook vanwege toenemende verzilting van het water in de bodem. Met name in het westen en noorden speelt dit een rol. Hoe langer het droog blijft en hoe groter het watertekort wordt, neemt ook de kans op verzilting toe.

600×450px

Wie goed rondkijkt in Nederland ziet dat er veel maatregelen zijn of worden genomen om de doelstelling, water langer vast te houden, effect beginnen te krijgen. Ze omvatten o.a. het laten meanderen van stroombeken, het aanleggen van nieuwe dobben of plassen, het aanleggen van retentiegebieden. Ook in nieuwe woonwijken wordt de waterparagraaf nadrukkelijk uitgevoerd, er komen meer slootjes en poeltjes. Alles met het doel om water vast te houden.

400×267px

Voor het Woudagemaal heeft dit alles tot gevolg dat het minder vaak noodzakelijk zal zijn om water af te voeren. Het Wetterskip Fryslân houdt er zelf al rekening mee dat het J.L. Hooglandgemaal in Stavoren minder vaak zal draaien, omdat er efficiënter met het aanbod en de vraag van water kan worden gestuurd. En als het Hooglandgemaal minder vaker ingezet zal worden, dan heeft dat onvermijdelijk ook gevolgen voor het aantal draaiuren van het Woudagemaal.

Het klinkt wat vreemd: in Nederland is op sommige momenten serieus sprake van een watertekort.

In Lelystad is het Landelijk Coördinatiecentrum Waterverdeling gevestigd om eventuele tekorten op tijd te signaleren en naar oplossingen te zoeken.