Vlie

Uit wiki

Ga naar: navigatie, zoeken

De naam Vlie bestaat niet meer als aanduiding van een water.

Tegenwoordig wordt de naam Vlie gebruikt om verschillende vaargeulen aan te duiden. De belangrijkste is de Vliestroom, daarna de Vliesloot en de Vlielanderbalg.

De Vliestroom is voor het scheepvaartverkeer een zeer belangrijke verbinding tussen de Waddenzee en de Noordzee tussen de eilanden Terschelling en ]]Vlieland]] door. Schepen die naar Harlingen Haven varen maken gebruik van de Vliestroom.
Ook de veerdiensten Harlingen-Terschelling/ -Vlieland maken gebruik van de Vliestroom.

600×450px

Boten voor Terschelling gaan vanuit de Vliestroom via het Schuitendiep naar de natuurlijke haven van West-Terschelling en schepen voor Vlieland verlaten de Vliestroom en gaan via de Vliesloot naar de haven van Oost-Vlieland.

Bij de overgang van Noordzee naar Waddenzee is de stroming het sterkst en de diepte het grootst oplopend van - 5 meter tot - 40 meter.

De naam Vlie moet op een later moment zijn ontstaan, op historisch zeekaarten komt de naam Vlie niet voor. Wel worden het Friese en Groningse wad onderscheiden en wordt de naam van de grootste zandbank genoemd: Schuitenbank (volgens een zeekaart van medio 1700).

Op een kaart uit 1740 wordt de Flie stroom, het Langer Sand en het Bree Sand genoemd. De naam Breezand komt nu voor als plaats op de Afsluitdijk.

Op het moment dat het nodig wordt om de positie van een schip nauwkeuriger te kunnen bepalen, ontstaat er ook behoefte om op het water gedifferentieerde namen toe te kennen.
Een schipper die aangeeft op het Friese wad te zijn vastgelopen, maakt daarmee van zijn schip tot een speld in een hooiberg. De aanduiding Vlie, Vliestroom, of Vliesloot wordt al een stuk nauwkeuriger.

link-

Het Vlie is wel een oud water tussen de Noordzee en het Almere in de tijd van de Romeinen. Groot zal het in die tijd nog niet zijn geweest. Dat kwam pas toen er land werd weggeslagen en de stroom breder en dieper werd en zich steeds verder landinwaarts wist te banen. Het Vlie kwam toen op het Almere, de latere Zuiderzee, uit.

Voor de waterhuishouding in de boezem van Friesland/ Fryslân is de Vliestroom van groot belang. Op momenten dat er een noordwester storm staat, windkracht 8 of meer, dan wordt het water via de Vliestroom de Waddenzee ingeblazen en stuwt deze extra hoeveelheid zich oostwaarts in de Waddenzee op. Het gevolg hiervan kan zijn dat het water op de Waddenzee zo hoog komt te staan, dat het niet meer mogelijk is om water van het Lauwersmeer bij Lauwersoog op de Waddenzee te spuien.

(zie ook: Zijlen en sluizen in breed perspectief)

Als natuurlijke lozing niet meer mogelijk is dan gaan de boezemgemalen aan het werk. Het eerste gemaal dat wordt ingezet is het J.L. Hooglandgemaal in Stavoren en het reserve boezemgemaal is het ir. D.F. Woudagemaal in Lemmer.

Toch doet deze situatie zich soms een aantal dagen per jaar voor (overmatige neerslag in de herfst/winterperiode) en dan wordt ook het Woudagemaal om deze reden onder stoom gebracht. Als de maalperiode (zie: maalperiodes) in de vakantieperiode valt brengt dat meestal vele duizenden bezoekers op de been, die het Woudagemaal in werking willen zien.