IJssel

Uit wiki

Ga naar: navigatie, zoeken

De rivier de IJssel

Algemeen

De IJssel splitst zich ter hoogte van de driehoek: Arnhem - Huissen en Westervoort af van de Neder-Rijn.
De rivier meandert door Gelderland en Overijssel en komt ten westen van Kampen bij het Ketelmeer in het IJsselmeer.

500×374px

De IJssel staat in open verbinding met de Neder-Rijn en het Ketelmeer, onderweg is geen sluizencomplex aanwezig, waar een schip geschut zou moeten worden. De IJssel is de grootste rivier die rechtstreeks water naar het IJsselmeer aanvoert. Het is een zoetwaterrivier, die vooral gevoed wordt door regen- en smeltwater.
Vooral in de periode waarin de sneeuw in Duitsland en Zwitserland smelt (februari en maart) en als water daar de rivieren instroomt, staat het water in de IJssel soms extreem hoog. Ook bij hevige en langdurige regenval in Nederland kan het water in de rivier behoorlijk hoog staan.
Bij hoge waterstanden gaat de rivier dan over de zomerdijken heen en in enkele steden staan de kades dan voor kortere of langere tijd blank. Treinreizigers zijn hier in het voordeel: vanaf de spoorbrug bij Deventer, Zutphen en Zwolle is de hoge waterstand dan goed te zien.
Omdat regen en smeltwater de belangrijste voedingsbron is, kan het ook voorkomen dat de waterstand bijzonder laag is. Als dat zo is dan wordt met name het scheepvaartverkeer getroffen door de beperkende maatregelen die dan worden getroffen. Dat kan zijn het instellen van een enkele vaarrichting of het minder zwaar beladen van schepen. Een en ander hangt nauw samen met de vaargeul die dan nog wel bevaarbaar is.

360×270px

Het stroomgebied van de IJssel bestrijkt vooral Gelderland en Overijssel. Beken, kanalen en rivieren voeren hun water naar de IJssel af en daarmee naar het IJsselmeer. Bijvoorbeeld het Apeldoorns Kanaal bij Dieren, de Oude IJssel bij Doesburg en het Twenthekanaal bij Zutphen.
Via het Apeldoorns Kanaal wordt een belangrijk deel van het waterbeheer op de Veluwe geregeld. Op dit kanaal komen de verschillende sprengen en beken uit die op de Veluwe ontstaan. Het waterschap Vallei en Veluwe is bezig om de sprengen en beken op een aantal plaatsen te herstellen.

De IJssel is vanouds een belangrijke rivier geweest voor de Hanzesteden, die hun handelswaar met schepen vervoerden naar andere Hanzesteden.

600×450px

Lengte, breedte en hoogte

De lengte van de IJssel is ongeveer 125 km. Bij Westervoort liggen de zomerkaden zo'n 70 meter van elkaar, bij Kampen is dat het dubbele.
Bij hoog water behoren ook de uiterwaarden tot het stroombed. De IJssel staat dan tussen de winterdijken en kan plaatselijk vele honderden meters breed zijn. Het maximale verschil tussen de hoogste en de laagste waterstand ter hoogte van de stad Deventer bedraagt zes meter.

Geografie

De loop van de rivier volgt de vallei tussen De Veluwe in het westen en de Sallandse Heuvelrug in het oosten, die het IJsseldal genoemd wordt.
Van Deventer tot voorbij Hattem vormt de rivier de grens tussen Gelderland en Overijssel. Echter, doordat gedeelten van dat traject geheel op Overijssels grondgebied liggen (bij Deventer, Olst en Wijhe), is er ook enig Overijssels grondgebied aan de linkeroever. Het traject vanaf Hattem is geheel Overijssels.

De voornaamste steden aan de IJssel zijn Zutphen, Deventer, Zwolle en Kampen. Andere historische plaatsen aan de IJssel zijn Doesburg, Bronkhorst en Hattem.

600×401px

De Oude IJssel is de belangrijkste zijrivier, die bij Doesburg in de IJssel uitmondt. Andere zijrivieren zijn de Berkell en de Schipbeek.

Het Twentekanaal, een belangrijke gegraven vaarweg, komt tussen Zutphen en Deventer in de IJssel uit. Het Apeldoorns kanaal is aan weerszijden verbonden met de IJssel, namelijk te Dieren en te Hattem. In tegenstelling tot vroeger, heeft dit kanaaltje tegenwoordig alleen nog folkloristische betekenis.

Ten noorden van Kampen (Kampereiland) begint de IJsseldelta. Deze bestaat uit het Keteldiep, Kattendiep, Noorddiep, Ganzendiep en Goot. Alleen het Keteldiep en Kattendiep hebben nog altijd een waterafvoerende functie. Het Ganzendiep en de Goot staan niet langer in open verbinding met de IJssel. Het Noorddiep is aan beide zijden afgedamd. Vroeger bestond er nog een tak, de Garste. Deze is al in de negentiende eeuw geheel verzand.

Geschiedenis

De IJssel is een aftakking van de Rijn die tussen 1000 en 2000 jaar geleden is ontstaan na een plotselinge natuurlijke wijziging van de rivierloop.

400×300px


Recent onderzoek zou uitwijzen dat de rivier pas in de vroege Middeleeuwen, tussen omstreeks 600 en 950 na Christus, voor het eerst werd gevoed met water uit de Rijn, waardoor ze veel breder en dieper kon worden.
Daarvoor waterde het gebied ten zuidoosten van Zutphen via de Oude IJssel en de Berkel naar het zuiden af. Door een in de loop der tijd verslechterende afvoer zou een barrière bij Zutphen zijn doorbroken, waardoor de stroomrichting van de IJssel zich naar het noorden verplaatste.
Sommige archeologen wijzen er op dat Deventer omstreeks 800 al een belangrijke handelsstad was met blijkbaar een vrije doorvaart naar het zuiden. De IJssel is in ieder geval een betrekkelijk jonge rivier, die een al veel langer bestaand dal tussen Veluwe en Salland volgt.

Historische bronnen suggereren dat de IJssel in de Romeinse tijd nog niet was verbonden met de Rijn. Romeinse geschiedschrijvers tekenden op dat de veldheer Drusus in het jaar 12 voor BJ een kanaal groef van de Rijn naar het Lacus Flevo (een meer op de plaats van het tegenwoordige Flevoland, wel beschouwd als de voorloper van het IJsselmeer. Dit was onderdeel van een veldtocht naar het huidige Noord-Duitsland, met als doel het Romeinse rijk tot aan de Elbe te vergroten. Troepentransport en bevoorrading zouden dan met boten via het Lacus Flevo en verder door Fryslân hebben kunnen plaatsvinden. Het kanaal werd met succes voltooid, maar het vervolg van de veldtocht mislukte. De Rijn bleef de noordgrens van het Romeinse Rijk. Mogelijk heeft Drusus' kanaal (Fossa Drusiana) wel het ontstaan van de huidige bovenloop van de IJssel bevorderd of zelfs veroorzaakt. In ieder geval ontstond in de eeuwen na de Romeinse tijd de Gelderse IJssel en was zij een natuurlijk meanderende rivier.

250×333px

Een oude naam van de IJssel is Isala, wat net als de naam van de streek Salland is afgeleid van de Salische Franken of Saliërs. Dit was een belangrijk stammenverbond van Germanen in het IJsseldal en Salland, dat zich in reactie op de macht van het Romeinse Rijk gevormd had. Later waren zij onderdeel van het Frankische Rijk. De naam Isala/IJssel zou ook refereren aan het Latijnse woord voor stroom. In een schenkingsakte uit 797 na Bjt is er sprake van bossen langs de Hisla. Het noordelijk deel van de Gelderse IJssel wordt in 814/815 ook aangeduid als Salahon, hetgeen betekent daar waar de IJssel uitmondt.

400×282px

Reeds in de vroegste Middeleeuwen kwamen steden als Kampen, Zutphen en Deventer dankzij hun ligging aan de IJssel tot grote bloei, al ruim voor het jaar 1000. Ook de Vikingen konden de nederzettingen via de IJssel bereiken en plunderen.
Later, in de tijd van de Hanze (+/- 1350-1450), was de IJssel een belangrijke internationale handelsroute; De steden langs de IJssel: Doesburg, Zutphen, Deventer, Hattem en Zwolle waren dan ook bij de Hanze aangesloten.

Overijssel is vernoemd naar de IJssel en plaatste in 1948 een symbolische weergave van de rivier in de Vlag van Overijssel.

Verzanding

Vanaf de 15e eeuw werd de rivier steeds minder goed bevaarbaar door verzanding. Oorzaak was met name de Sint-Elisabethsvloed, waardoor de Waal een kortere weg kreeg naar de zee en er minder water zich een weg zocht via de IJssel. In de 18e eeuw werd, om dit probleem op te lossen, het Pannerdensch Kanaal gegraven en sprak men af dat de IJssel recht heeft op 1/9 van al het Rijnwater. Deze verdeling, die wordt geregeld met stuwen bestaat nog steeds. Behalve voor de bevaarbaarheid van de IJssel is deze ingreep belangrijk voor een zo groot mogelijke zoetwatervoorraad in het IJsselmeer, met name in droge tijden.

400×300px

Om de scheepvaart op de IJssel te waarborgen is de huidige geul kunstmatig verdiept met behulp van kribben. Bij lage afvoer zorgt dit voor een smallere, maar toch nog snel stromende en daardoor relatief diepe IJssel.

In verband met de voorziene klimaatveranderingen wordt in het kader van het project Ruimte voor de Rivier onder andere door het graven van nevengeulen de capaciteit van de IJssel vergroot. Bovendien wordt ter bevordering van de natuurwaarden, zoals vastgelegd in de afspraken volgens Natura 2000 een groot deel van de verstening van de rivieroevers ongedaan gemaakt door het verwijderen van de kribben. Hierdoor krijgt de IJssel weer meer gelegenheid met zand te gaan spelen"'. Volgens sommigen zouden deze veranderingen moeilijk te voorspellen gevolgen kunnen hebben voor de bevaarbaarheid.

(tekst en afbeeldingen: Wikipedia)