Flevomeer

Uit wiki

Ga naar: navigatie, zoeken

Het Flevomeer is een historische naam van een groot water in de Lage Landen, waarvan de naam vooral bekend is geworden dankzij een beschrijving door Pomponius Mela, een Romeins geograaf. In zijn De Chorographia in 44 na Christus spreekt Pomponius over een Lacus Flevo. Hij schreef: "De noordelijke tak van de Rijn verbreedt zich tot het meer Flevo, dat een eiland met dezelfde naam omsluit en daarna als een normale rivier naar zee vloeit".

De naam Flevomeer is dus een vertaling van het Latijnse Flevo Lacus die de Romeinen aan het gebied hebben gegeven, toen zij hier woonden en werkten ten tijde van het Keizerrijk.

220×266px (afbeelding: Wikipedia)


Het Flevo Lacus omvat een klein deel (het hart) van wat later de Zuiderzee is geworden. De naam Flevomeer is nooit echt een begrip geworden in Nederland.
Het kleine meer lag ongeveer op de plaats waar nu Oostelijk en Zuidelijk Flevoland liggen, deze beide polders zijn naar dit voormalige meer genoemd.
Het Flevomeer ontwikkelde zich na de Romeinse tijd door de afslag van de oevers tot het Almere.
Waarschijnlijk ontstond in de Middeleeuwen met het stijgen van de zeespiegel en het afgraven van veengronden door de Friezen in West-Friesland (Enkhuizen, Medemblik etc.) via het Vlie een verbinding tussen het Almere en de Waddenzee en zo ontstond de Zuiderzee.
Na de afsluiting van de Zuiderzee door de Afsluitdijk is ter plaatse het IJsselmeer ontstaan.

Flevo was ook de naam van de polders Oostelijk en Zuidelijk Flevoland voor deze in respectievelijk 1957 en 1968 drooggelegd werden en geen deel meer uitmaakten van het IJsselmeer.
Oostelijk en Zuidelijk Flevoland worden aan de oost en zuidzijde door een aantal randmeren omgeven: Ketelmeer, Drontermeer, Veluwemeer, Eemmeer en het Gooimeer.
De randmeren zijn zo geprojecteerd om een waterbuffer te creëren tussen het oude land van Overijssel en Gelderland en de nieuwe polders. Hierdoor werd de afwatering van het oude land in stand gehouden en tegelijkertijd uitdroging van het bestaande gebied voorkomen. Het was de lering die getrokken werd uit de ervaringen met de aanleg van de Noordoostpolder, waarbij geen randmeer is aangelegd.